De opkomst van kunstmatige intelligentie (AI) heeft de afgelopen jaren een revolutie teweeggebracht in hoe we werken, communiceren en onze dagelijkse taken uitvoeren. Van chatbots die direct antwoorden geven op al je vragen tot geavanceerde AI-systemen die medische diagnoses ondersteunen; de mogelijkheden lijken eindeloos. Met de opkomst van AI zijn tal van (werk)processen efficiënter geworden – en het einde van de AI-ontwikkeling lijkt nog niet in zicht. Toch is het belangrijk om te beseffen dat, ondanks de duizelingwekkende ontwikkelingen, AI nog steeds vele beperkingen kent. De technologie is indrukwekkend, maar er zijn nog altijd genoeg dingen die AI niet kan doen — althans, niet op de manier waarop wij mensen dat kunnen.
Hoewel AI in staat is om ingewikkelde analyses uit te voeren, code te schrijven, voorspellingen te doen en zelfs creatief werk te genereren, blijft het in andere gebieden beperkt. De belangrijkste beperking van AI zit hem in het feit dat het (nog) niet in staat is tot zelfreflectie of het ervaren van emoties zoals een mens dat kan. Het mist het vermogen om (emotionele) context te begrijpen op de manier waarop mensen dat doen. Neem het plaatje hieronder uit een boek van Randall Munroe:
De chatbot legt niet de link tussen de lasso en de cowboyhoed en denkt in plaats daarvan dat het om een hondenriem gaat. Het begrijpt ook niet dat het waarschijnlijk is dat het kind cowboy aan het spelen was – wat vaak gepaard gaat met het zwaaien van de lasso – en daarmee hoofdverdachte is voor het omstoten van de vaas.
Met andere woorden: AI mag dan wel qua IQ kunnen meten met mensen, maar kent geen EQ (emotionele intelligentie). Zo kan een AI dan wel teksten lezen of afbeeldingen interpreteren, maar begrijpt het niet écht wat het ziet en mist het de onderliggende betekenis, nuances en emoties die mensen normaal gesproken uit teksten of afbeeldingen halen.
Daarnaast kan AI geen niet moreel of ethisch oordelen zoals mensen dat doen. Een AI kan objectief data verwerken en patronen herkennen, maar het is niet in staat om de ethische implicaties van bepaalde keuzes in een menselijke context te begrijpen. Dit is cruciaal voor situaties waarin beslissingen niet alleen gebaseerd moeten zijn op feiten, maar ook op waarden en morele overwegingen.
Als we nu de brug naar ons vakgebied slaan en nadenken over AI in de context van cybersecurity, wordt het duidelijk dat AI niet de volledige oplossing biedt voor alle uitdagingen waar organisaties mee te maken hebben. Cybersecurity is een complex en dynamisch vakgebied en bevat belangrijke gebieden waar AI nog steeds tekortschiet:
De opkomst van AI biedt enorme voordelen op het gebied van automatisering en efficiëntie. Tegelijkertijd moeten we ons realiseren dat AI, hoe geavanceerd ook, niet alles van ons kan overnemen. De menselijke factor blijft essentieel, vooral wanneer het gaat om complexe besluitvorming, het begrijpen van context en het anticiperen op nieuwe dreigingen. In de wereld van cybersecurity blijft dus het behouden van een gezonde balans tussen AI en menselijke experts de sleutel tot het creëren van een veilige digitale omgeving. Zo kunnen we optimaal gebruikmaken van de kracht van AI zónder onze eigen intuïtie, gevoel voor context en ethische overwegingen te verliezen.